Er gebeurt iets met een groente zodra ze in de buurt van vlammen komt. De schil verkleurt, het vocht trekt zich terug, suikers gaan werken. Koken op open vuur met groenten is bij ons geen effect, het is de basis van de keuken. In dit stuk vertellen we wat vuur precies met een knolselderij, een prei of een pompoen doet, en waarom we er niet meer zonder willen.

Waarom koken op open vuur groenten iets geeft wat een fornuis niet kan

Een pan verwarmt gelijkmatig. Vuur doet dat niet. Vuur straalt, springt, luwt, laait weer op. Precies die onregelmatigheid maakt het interessant. De buitenkant van een groente krijgt kleur en rook, terwijl het hart langzaam gaart. Je krijgt contrast in één product, zonder dat je iets hoeft toe te voegen.

Daar komt bij dat hout smaak geeft. Eik werkt anders dan beuk, fruithout weer anders. Die nuances proef je terug, zeker bij groenten met veel eigen zoet. Een geroosterde biet met wat rook eromheen heeft geen zware saus nodig. Het product doet het werk, wij houden het vuur op temperatuur.

Asvuur: de traagste, en misschien de mooiste techniek

Een asvuur is precies wat het klinkt. Je legt een groente direct in de gloeiende as, onder de kolen, en laat haar daar liggen. Uren soms. De schil verkoolt zwart, maar binnenin gebeurt iets zachts. Een knolselderij uit de as wordt romig, bijna boterachtig, met een diepe geroosterde ondertoon die je niet uit een oven haalt.

We gebruiken de techniek graag voor stevige knollen. Rode biet, koolraap, pompoen. Ze hebben tijd nodig, en tijd is wat een asvuur geeft. Je snijdt de zwarte laag eraf en houdt een kern over die eigenlijk nergens meer op lijkt. Puur product, langzaam gegaard, met de smaak van vuur er dwars doorheen.

Grillen van groenten: kort, heet, direct

Grillen van groenten vraagt het tegenovergestelde. Hoge hitte, korte tijd, dicht boven de kolen. Bleekselderij, little gem, jonge prei, groene asperge: alles wat snel gaart en tegen een schroeirand kan. Je krijgt strepen, bittertjes, een licht verkoolde buitenkant en een kern die nog knapperig is.

Bij dit soort werk let je op de dikte van het product en op de plek boven het vuur. Een paar centimeter hoger of lager maakt het verschil tussen mooi geblakerd en verbrand. Dat is geen kunst, dat is oefening. En het is een van de redenen waarom een houtvuur in de keuken meer aandacht vraagt dan een inductieplaat.

Roken: smaak zonder hitte

Roken doen we koud én warm, afhankelijk van wat we willen bereiken. Koud roken geeft aroma zonder dat het product gaart. Denk aan een gerookte bleekselderij of een rauw gerookte bietje. Warm roken combineert smaak met garing, en werkt goed bij stevige paddenstoelen of hele uien.

Rook is subtiel spul. Te veel en het overheerst alles, te weinig en je proeft er niets van. We gebruiken het als kruiderij, niet als hoofdrol. Een vleug rook onder een gerecht kan een bier ineens dichterbij trekken, vooral als er een donker bier of een rokerige stijl bij staat.

Waarom deze manier van werken past bij een groentemenu

Vuur en groente delen iets. Beide zijn eerlijk, allebei laten ze zich niet forceren. Een groente die nog niet in het seizoen is, wordt door vuur niet beter. Andersom kan een groente op haar top met alleen wat hitte en zout al genoeg zijn. Dat vraagt vertrouwen in het product en geduld bij de bereiding.

Ons menu beweegt mee met wat er groeit en met wat het vuur die dag doet. In het voorjaar liggen er andere dingen op de kolen dan in november. Bij FEU in Utrecht is dat het uitgangspunt: het seizoen bepaalt, het vuur bewerkt, wij begeleiden. Meer informatie over hoe we een menu opbouwen lees je in ons stuk over groente als hoofdgerecht, en over de fijnere kant van deze manier van koken in fine dining op open vuur.

Vijf dingen die vuur met een groente doet

  • Suikers karamelliseren, waardoor de smaak dieper en ronder wordt.
  • Vocht trekt zich terug, de smaak wordt geconcentreerder.
  • De buitenkant krijgt textuur, de kern blijft zacht.
  • Rook geeft een aromatische laag die je op geen andere manier krijgt.
  • Elke groente reageert anders, waardoor je variatie krijgt binnen één techniek.

Veelgestelde vragen

Kan het menu volledig vegan?

Ja. Geef het bij de reservering aan, dan passen we het menu daarop aan. De opbouw blijft hetzelfde, we werken alleen met andere producten en bereidingen op de plek waar anders zuivel of ei zit. Ook het bierarrangement of een alcoholvrij arrangement laat zich prima combineren met een vegan menu.

Hoe lang duurt een avond bij jullie?

Reken op ongeveer drie uur voor een meergangenmenu met arrangement. Koken op vuur vraagt tijd en dat merk je aan tafel. Wil je eerder weg of juist rustig doorzitten, geef het door bij de reservering. Voor onze openingstijden en route verwijzen we je naar route en openingstijden.

Wat ligt er nu op het vuur?

Dat verandert per week, want we volgen het seizoen en de aanvoer. Op de menukaart zie je de meest actuele opzet van het groentemenu en het bierarrangement. Wil je vooraf overleggen over allergieën of voorkeuren, dan kun je ons ook een bericht sturen.

Werken jullie het hele jaar met open vuur?

Ja. De keuken draait rond hout en kolen, ook in de winter. Wat verandert, is wat we erop leggen. Zomers meer kort gegrild werk, in de koudere maanden meer traag garen in de as, meer wortels en knollen, meer rook. Het vuur blijft, het product schuift mee met de kalender.

Nieuwsgierig wat er nu op het vuur ligt? Bekijk de menukaart en reserveer een tafel op donderdag, vrijdag of zaterdag.